Optimale verdeling

Publicatie Bol Adviseurs in dagblad De Limburger op 9 december 2021

In een tijd dat de Belastingdienst vaak in één zin genoemd wordt met kinderopvangtoeslagaffaire, vergeten we vaak dat de fiscus ook veel dingen goed doet. Zo gaat die voortaan helpen met een lastig karweitje: de optimale verdeling van aftrekposten tussen partners. Optimaal wil zeggen: in het voordeel van de belastingbetaler, niet van de belastingontvanger.

Je kent het vast, omdat het ’t leukste onderdeel van de belastingaangifte is - als je geld terugkrijgt tenminste. Aan het einde kunnen partners de gemeenschappelijke posten onderling verdelen, zoals inkomsten, vermogen en aftrekposten. Door het schuifje te verplaatsen wordt telkens zichtbaar hoe groot het belastingvoordeel is. De resultaten zijn fascinerend, maar soms ook verrassend. Zo kan een ‘onwaarschijnlijk’ probeersel gunstig uitpakken.

Amateurs

Om te voorkomen dat wij, amateurs, niet het onderste uit de kan halen, gaat de Belastingdienst een handje helpen. Dat gebeurt al bij de voorlopige aanslag. De belastingdienst stuurt vanaf deze week zo’n vier miljoen voorlopige aanslagen inkomstenbelasting 2022. Met die aanslag kunnen mensen lopende het jaar al geld terugkrijgen of juist betalen. Veel mensen vinden het prettiger het geld in
maandelijkse porties te ontvangen of te betalen dan in één keer achteraf na het indienen van de aangifte. De Belastingdienst berekent die voorlopige aanslag op basis van gegevens die al bekend zijn, zoals de vorige voorlopige aanslag of de meest recente, definitieve aanslag. Het blijft echter verstandig om die gegevens goed te controleren, zeker als uw persoonlijke situatie is veranderd. Voorbeelden zijn: je gaat minder werken; je koopt een woning; je gaat samenwonen of uit elkaar; je krijgt een kind; je gaat met pensioen.

De voorlopige aanslag is ‘de best mogelijke inschatting’ die de Belastingdienst kan maken van iemands ‘fiscale situatie’. Omdat de fiscus al zoveel weet van ons, is die via een reeks berekeningen in staat de optimale verdeling van gemeenschappelijke aftrekposten tussen partners te becijferen, zodat die een maximaal belastingvoordeel hebben. De uitslag is voor het eerst verwerkt in de voorlopige aanslag over 2022. Volgens een zegsman van het ministerie van Financiën gaat het vooralsnog om de aftrekposten, zoals de hypotheekrenteaftrek. „In de toekomst wordt het systeem
verder ontwikkeld.” De verdeling van gemeenschappelijk inkomen en vermogen moeten we voorlopig dus nog zelf blijven doen.

Blindelings

Wat betreft de eigen woning kan hulp welkom zijn. In het verleden werd de hypotheekrente blindelings afgetrokken door de meestverdienende, zeker als die in de hoogste belastingschijf viel. Nu de aftrek voor veelverdieners echter wordt afgebouwd, kan het zomaar gunstig zijn om deze aftrekpost te verschuiven naar de minstverdienende. Gepuzzel wordt het ook als je als gepensioneerde een kleine hypotheek hebt of als de ouderenkorting van de minstverdienende in het gedrang komt. En wat doe je als de hypotheekrenteaftrek kleiner is dan de bijtelling, het eigenwoningforfait? Dan is het mogelijk raadzaam de woning naar de minstverdienende te schuiven.
Het wordt dus interessant om te zien of de Belastingdienst ons op nieuwe gedachten brengt en zorgt voor onverwacht voordeel. Aan het tegenovergestelde zullen we maar niet denken. Dat zou een affaire worden.

Dit artikel verscheen eerder op 9 december 2021 in dagblad De Limburger i.s.m. verslaggever Peter Heesen en Roel Wienen.

14 december 2021